De Wachtkamerindustrie: De Zweldokter

De Margriet uit 1992, denk ik, aan het mantelpakje te zien van het model dat op de voorpagina staat. Beduimeld en gescheurd ook nog. Niet het model natuurlijk maar het blad. Verspreid over de hele kamer liggen er honderden. Van de Margriet via de Quote tot folders over wat je moet doen als je een katheder in je dop of je muts krijgt.

Uitloopdokters
Het is druk en er lijkt een wachttijd te zijn met uitgelopen dokters want op een beeldscherm aan de muur loopt er onder het regionieuws een ticker waarop dat te lezen is. Dokter Zus en Zo loopt uit en dan het aantal minuten. Mijn geestesoog tovert onmiddellijk een uitgelopen dokter tevoorschijn die ik voorlopig niet meer kwijt raak. Aan al zijn ledematen en zelfs zijn neus zitten uitgelopen tengels met klauwende en graaiende vingers aan het eind die ook al weer aan het uitlopen zijn. Dit beeld zal mij later nog wel eens van pas komen als ik iets schrijf over de zorgen die mensen zich maken over hun gezondheid en de daarover zeer verheugde gezondheidszorg. Mijn buurvrouw is de Margriet nu van achteren naar voren aan het doorbladeren want van voor naar achter had ze al gehad. Aan de overkant verdenk ik een mevrouw ervan dat ze niet leest, niet bladert en er eigenlijk ook niet is. Ze staart in de verte op het papier en ziet waarschijnlijk haar kleinkinderen vrolijk rondspringen op haar laatste verjaardag.

Handtastelijke lulpakkers
Een half uur te vroeg omdat ik dacht dat je dan sneller aan de beurt zou zijn. Maar nee hoor, al kom je een dag eerder, het uitlopen begint voor jou vanaf de tijd van jouw afspraak. Dus ik loop nog maar eens de hele Radboud door. Heb ik al eens eerder gedaan toen we bij iemand op bezoek gingen en mijn broer precies wist waar het was omdat hij hier ooit een muurtje had gemetseld. Kwamen we op de afdelingen van de directie terecht. Heel genant want je verwacht dan net als in de film een chirurg die de dokteres in opleiding op het buro aan het butsen is. Maar nee, suffe zaak daar. Nergens ook maar iets te neuken. Kortom na veel omzwervingen zijn we toch nog 3 minuten voor het einde van het bezoekuurtje op ziekenbezoek geweest. Leuk dat jullie er waren, zei ze. Goed ik loop dus door die Radboud en zie overal dezelfde wachtkamers met dezelfde Margrieten en aanverwante beduimelden en nagenoeg dezelfde vrouwen met starende blikken naar kleinkinderen op hun laatste verjaardag. Alleen bij de urologie zie ik een paar mannen die zich er kennelijk op verheugen dat ze straks door die leuke dokteres handtastelijk bij de lul worden gepakt. Ze lachen tenminste nog en dat kun je van veel bezoekers hier niet zeggen.

O Heer geef ons heden onze afspraken
Allemaal wachtkamers. Allemaal dokters die uitlopen. Allemaal wachtlijsten van hier tot Tokio en allemaal een nieuwe afspraak om terug te komen. Want als er geen afspraken meer worden gemaakt sterft het ziekenhuis. De toko gaat failliet en de dokters moeten hun boot verkopen en al die studentes in opleiding krijgen geen beurt meer. Ik heb ooit uitgerekend dat als er geen afspraken meer zouden worden gemaakt en er alleen nog bij acute nood gesneden of gespoten zou worden omdat alleen dit nog door de ziekenfonds zou worden betaald, we in Nederland hooguit voor 3 of 4 ziekenhuisjes werk zouden hebben. En voor 100 tot 120 dokters, hoe ook genaamd. Waarschijnlijk zouden we dan weer 1 gulden 98 per week aan de verplichte Ziekenfonds kwijt zijn in plaats van de 600 euro waar we nu minstens per maand van beroofd worden. En 6 gulden voor een particuliere verzekering als je alleen op een kamertje zou willen liggen of voorrang bij de dokter meent te moeten hebben. Maar ja, je kunt moeilijk een hele Wachtkamerindustrie waar jaarlijks 140 miljard in omgaat, dat is zo’n 60% van de staatsinkomsten, om zeep helpen. Dan maar liever de mensen nog zieker maken met geluidshinder, zwiepende windmolens, asbest, chloorverf, plastic en andere kankerverwekkende stoffen in je vreten en ga zo maar door, zodat in elk geval onze grootste industrie nog even op de been blijft.

Dobberzweller
En dus ging ik maar weer naast de mevrouw met de Margriet zitten. Ze was nog niet veel opgeschoten want ze keek nog steeds op die pagina met reclame voor een inlegkruisje. Tegenover mij zat een dikke neger in de Quote te bladeren. Haha, zei ik tegen de buurvrouw, zeker te lang liggen dobberen want daar zwel je van op. De buurvrouw keek mij bestraffend aan, keek naar de neger en zei, hij bedoelt het niet zo hoor, het is een grapje en als je lang hier in de wachtkamer zit begin je vanzelf te ijlen. Och, zei de neger, ik kan wel tegen een geintje. Ik ben overigens Dokter Kwatta, uw uroloog, de enige die nog altijd dikke katheterstangen gebruikt en ik zit hier even op mijn voorgangster te wachten tot die weer is ingelopen. Ik zie u zo.

Aanbevolen